1981-1990

In het begin van de jaren 80 was het hele spel van Lierse afgestemd op Erwin Vandenbergh. Hij werd zowel in 1980, 1981 als 1982 Belgisch topschutter. Met 117 doelpunten in 178 wedstrijden voor Lierse zorgde hij er bijna in zijn eentje voor dat Lierse probleemloos in de middenmoot meedraaide. Natuurlijk zorgden de spelers rond hem voor de aanvoer, maar Vandenbergh was een fenomeen op zich. In 1980 maakte hij zelfs 39 doelpunten in één seizoen, waarmee hij Europees topschutter werd.
Nadat Vandenbergh na afloop van het seizoen 1981-82 voor een toenmalig recordbedrag naar Anderlecht werd getransfereerd, werden de resultaten van Lierse gestaag minder.

Seizoen na seizoen verslechterde de situatie, tot uiteindelijk onze club in het seizoen 1985-86 als allerlaatste eindigde. Na 33 jaar in de Eerste Klasse zakte Lierse voor de tweede maal in haar bestaan naar de tweede afdeling. Twee jaar later kon de club echter opnieuw promoveren onder leiding van oud-speler Dimitri Davidovic. Dit na een spectaculaire remonte in de terugronde, het daardoor behalen van de laatste periodetitel en de daaropvolgende winst in de eindronde in 1988.

De komende seizoenen zou Lierse bouwen aan een ploeg met wederom veel jonge spelers uit de omgeving van Lier die in de jaren 90 indruk zouden maken.

1987: Lierse wint de eindronde en promoveert naar 1e klasse
Lierse zit in het vagevuur van tweede klasse. De grote verwachting om na 1 jaar te promoveren is met een sisser afgelopen. Toch blijft de club ambitieus. Voorzitter Bouwen heeft een jonge spelersgroep, die door een grote naam uit het Belgische voetbal kan gekneed worden. Walter Meeuws debuteert als trainer bij de ambitieuze tweedeklasser.
Om die ambitie waar te maken is er ook grondig gesleuteld aan de club zelf. Een financiële herstructurering en het aanboren van nieuwe inkomsten zijn topprioriteiten. Ook voor de gewone supporter is er een nieuwigheid: de supportersloge achter het doel (kant Hagenbroek). De toegang is er gratis. Voor, tijdens en na de wedstrijd kan er bij een frisse pint voor- en nagepraat worden. Abonnementen gaan van 4500 frank (tribune I) tot 1800 frank (staanplaatsen Berg/achter doel). Jongeren onder de 14 mogen gratis binnen.
Het wordt een hoogst opmerkelijk seizoen voor het jonge Lierse. Naast een turbulente competitie blinken de Lispjongens ook uit in de beker. Na een ‘opwarmertje’ tegen eersteprovincialer Heirnis Gent verorberen ze achtereenvolgens de topklassers AA Gent (1-1 en 6-5 met de strafschoppen), Beerschot (2-1 thuis en 2-3 uit) en KV Kortrijk (3-0 thuis en 2-2 uit), om uiteindelijk in de halve finale op Standard Luik te stoten (3-1 uit en 0-0 thuis). Lierse verlaat de beker langs de grote poort. De overwinning tegen AA Gent ontlokt aan trainer Meeuws zelfs de volgende (opmerkelijke) uitspraak: 'Wie voor drie uur in zijn bed ligt, krijgt van mij een boete aangesmeerd.'
Voor de halve finale tegen Standard legt Lierse zelf de nodige autocars in. 26 bussen rijden in colonne naar de Vurige Stede, een voorsmaakje van wat later nog zal volgen. Voor de competitie is het vertrouwen groot. En toch blijkt het inlossen van de verwachtingen moeilijker dan gedacht. De eerste periode blijft Lierse zonder verlies, maar het slaagt er slechts in 3 wedstrijden te winnen. De andere 7 blijven op een gelijkspel steken, na niet altijd even klinkende prestaties. Weg eerste periode… Alleen de winst in de bekerwedstrijd tegen AA Gent is een absolute uitschieter. Er moet meer uit deze groep te halen vallen. De toch niet onaardige prestaties van de ploeg zijn ondertussen niet onopgemerkt gebleven in Brussel. Er wordt een opvolger voor Guy Thijs gezocht en daarbij wordt aan Walter Meeuws gedacht. Toeval of niet, in de tweede periode blijft er bijna niets van het goede over: op tien wedstrijden wordt er zevenmaal verloren… Lierse tuimelt van de vijfde naar de dertiende plaats. Tweedeklassers liggen de ploeg niet meer, eersteklassers daarentegen wel: Beerschot wordt zonder pardon uit de beker gegooid. Toch is het duidelijk dat er iets moet gebeuren. De oplossing is elegant: Meeuws wordt vervroegd aan de Bond vrijgegeven en vervangen door Dimitri Davidovic, in de jaren ’70 een onmisbaar sluitstuk van de Lierse verdediging. Op dat ogenblik is derde klasse veel dichterbij dan de verhoopte topklasse. En toch… De sputterende motor slaat onverwacht weer aan en als een sneltrein raast de ploeg naar het einde van de competitie. Van haar laatste acht wedstrijden wint Lierse er zeven en speelt nog eenmaal gelijk. Door die 15 op 16 rijft de ploeg de derde periode binnen en plaatst ze zich voor de eindronde.
In die eindronde wordt Eendracht Aalst de grote tegenstander. Harelbeke en Patro Eisden zijn al snel uitgeschakeld. Door zijn betere doelsaldo is voor Lierse een gelijkspel op Aalst genoeg. Het wordt een echte thriller, die (tot nog toe als enige uit tweede klasse) live op tv wordt uitgezonden. Bakken water, donder en bliksem leiden de feestelijkheden in. De Liersesupporters staan als haringen in een ton in de (te) kleine bezoekerstribune, maar dat kan de pret niet drukken. Rond het veld zit de sfeer er goed in. Op het veld iets minder. De belangen zijn duidelijk te groot, want hoogstaand voetbal is er niet te zien. Spanning is er des te meer. Het blijft 0-0 en voor Lierse ligt de weg naar eerste open. Alleen het uitgetelde Harelbeke moet nog naar het Lisp komen. Na 5 minuten kan het grote feest al beginnen. De eindstand wordt 4-1 en Lierse mag weer naar eerste.
De supporters azen op een souvenir van de wedstrijd, maar de trofeejagers blijven gedisciplineerd achter de lijnen. Tot scheidsrechter Van Langenhove voor het einde fluit. Het veld wordt overspoeld door een uitzinnige menigte. Het spontane feest voor de hoofdtribune duurt meer dan een half uur. Dan verplaatst het zich van de mat naar het stadion, waar elke verschijning van een speler voor nieuwe waanzinnige taferelen zorgt. Na de eerste ‘roes’ deint de vlek uit en zoekt het een nieuw epicentrum. Dat wordt de Grote Markt. Heel de avond speelt een concert van toeters en claxons in de Lierse straten. Op de pui van het stadhuis staan hordes Lierenaars wild te doen. Tot de dorst hen naar de cafés jaagt. De Eikelstraat en het Zimmerplein zijn autovrij gemaakt, zodat iedereen zonder gevaar zijn pintje(s) kan drinken. Het wordt een voetbalfeest met verlengingen…
Een week later is het Lier Kermis, en natuurlijk hoort daar de nieuwe eersteklasser bij! Er wordt snel een officieel programma in elkaar gebokst. Tussen de twee ‘feesten’ door wordt er een afscheidswedstrijd voor Herman Helleputte gespeeld tegen Club Brugge (1-1). Dat ticket is eveneens het inkombewijs voor de feesttent (de tent van de handelsbeurs aan de Aarschotsesteenweg).
Bestuur en spelers worden na een feestmaaltijd in koetsen en onder begeleiding van drumband Liberty en een harmonie naar de Grote Markt gereden. Op de pui worden ze uitgebreid gevierd door een grote schare supporters. Een officiële ontvangst op het stadhuis zelf blijkt te moeilijk, vermits ook Lyra in de prijzen is gevallen. Van daar gaan ze te voet naar de tenten. Op het programma staan De Kreuners, de LSP-Band, Bart Peeters en Jan Decleir. Speciale truitjes (Lierse naar eerste klasse / de namen van de spelers) verkopen als zoete broodjes. Zelfs een elektriciteitspanne kan de pret niet drukken. Voetballiederen en slogans worden door iedereen meegezongen en –geroepen. De tapkranen blijven open staan, champagneflessen knallen in de bodega. Tot in de vroege uurtjes blijft er volk en sfeer. Lierse zit opnieuw in eerste.

1988-1989: Pfaff op het Lisp
De vernieuwde kennismaking met eerste klasse verloopt niet optimaal. Eerst weigert KV Kortrijk de openingswedstrijd een dag te vervroegen – Lierse vreest immers de concurrentie van KV Mechelen – Club Brugge. Bovendien moeten vele supporters een onverwacht ommetje maken om het Lisp te bereiken. Oorzaak hiervan is een bommelding in de naburige woonwijk. Daar wonen hoofdzakelijk Britse militairen. Na een IRA-aanslag in Oostende wordt geen enkel risico genomen. Ten slotte eindigt de wedstrijd op 1-1. Het begin van een erg zwakke thuisreeks. Ook voor de wedstrijd tegen Luik is er een vals bomalarm. Pas op de vijfentwintigste speeldag slagen de Pallieters er voor het eerst in thuis te winnen (tegen RC Genk). Gelukkig is de balans op verplaatsing veel positiever: voor die eerste thuiszege prijken al wel zes uitzeges in de tabellen. In september haalt Lierse een grote transfer binnen: niemand minder dan Jean-Marie Pfaff komt de ploeg versterken. Zijn eerste wedstrijd speelt hij voor een vol huis (maar verliest tegen Club Brugge, 0-3). Het wordt een hele competitie strijden tegen de degradatie, maar die strijd wordt uiteindelijk nog vlot gewonnen. Na een grijs seizoen is de tiende plaats voor de nieuweling niet te versmaden. Dankzij haar 7 uitoverwinningen blijft Lierse in eerste. Van een bekeravontuur is helemaal geen sprake, na de vroege uitschakeling door derdeklasser VW Hamme (4-3). Na deze slopende competitie stapt Davidovic op. Hij wordt opgevolgd door Ajacied Barry Hulshoff.

1989-1990: Freddy Van Laer maakt zijn intrede
Werken aan de thuisreputatie is dus een eerste dringende opdracht. Lierse wordt immers niet tot de degradatiekandidaten gerekend, op voorwaarde dat het thuis beter scoort. Daarvoor loopt er voor het eerst sinds lang een scorende spits op het Lisp: Eric Viscaal. Oud-international Pfaff verlaat de ploeg: hij is de eerste die van Lierse naar een Turkse ploeg verkast. Het blijft ook niet alleen bij werk op het veld. Er duiken immers nieuwe extrasportieve problemen op. Na het Heizeldrama gaat een commissie de veiligheid van alle stadions na. Het Lisp wordt daar het slachtoffer van: de commissie Magotte beveelt aan op Lierse geen risico- en avondwedstrijden meer te spelen en de houten tribune te sluiten. Tenzij een aantal dringende werken wordt uitgevoerd. Lierse wil desondanks de avondwedstrijd tegen RC Mechelen voor de Trofee Ludo Coeck laten doorgaan, maar haalt bakzeil. Honderden supporters staan voor de gesloten ingangspoorten. Gelukkig blijft alles bij wat verbaal geweld. Naast een hele resem hevige commentaren ontlokt deze moeilijke situatie ook even een loos dreigement (het rood-wit schilderen van zijn huis) aan  brandweercommandant Morrens. Lierse gaat dan maar op Racing winnen en haalt later ook de Trofee Ludo Coeck binnen (4-1 tegen Germinal).
Opnieuw begint de competitie  magertjes. De eerste zege (een thuiszege!) is pas voor de zesde speeldag. Het grote nieuws blijft van buiten de lijnen komen. Voorzitter Bouwen treedt terug en wordt opgevolgd door interim Urbain Van den Steen en later op het seizoen door Freddy Van Laer. Op het veld kabbelt de competitie iets minder zorgwekkend dan de vorige voort. Lierse nestelt zich na de mislukte start rond de tiende plaats en werkt een heel rustig seizoen af, zonder echte uitschieters. Alleen een gelijkspel tegen kampioen KV Mechelen kleurt het seizoen. Het blijft wachten op een hartverwarmend resultaat.

MY LIERSE

  • Sign in using Facebook

  • Logo Wadi Degla
  • Logo Coca Cola
  • Logo Joma
  • Logo Jupiler
  • Logo fiteffect